maandag, mei 14, 2018

Bouvardia


Vreeken Bouvardia over duurzaam energiegebruik:
‘Overschakeling naar gelijkspanning kan flinke energiebesparing opleveren’

In tuinbouwgebied PrimA4a vinden volop experimenten plaats met duurzaam energieverbruik. Vreeken Bouvardia laat momenteel de belichtingsinstallatie ombouwen van wisselspanning naar gelijkspanning, want dit kan een behoorlijke besparing op elektriciteit opleveren. Het is een spannend project, maar Vreeken ziet het wel zitten. Hij gaat een flinke uitdaging niet uit de weg.

In tegenstelling tot veel andere sierteeltgewassen hoef je bouvardia’s niet permanent te belichten. Eens per tien tot twaalf weken worden de bloemen geoogst en het gewas teruggesnoeid. Daarna volgt de vegetatieve fase, waarin het gewas de eerste veertien dagen met minder licht toe kan en de lampen niet permanent hoeven te branden. Dat gebeurt nu nog niet, omdat zo’n vak gewoon mee loopt in het totale belichtingsschema.
Hoe mooi zou het zijn als je op elektriciteit kan besparen door boven bepaalde plantvakken lampen aan en af te schakelen of te dimmen via een mobiele app of via de computer? Deze gedachten spelen door het hoofd van Jaap Vreeken in Rijsenhout sinds hij betrokken is bij het project Demonstratie Ontwikkeling Energie-infrastructuur DC (DOE DC) in tuinbouwgebied PrimA4a.

Gelijkspanningsgoeroe
Al meer dan dertig jaar teelt de familie Vreeken bouvardia’s. Jaap en Tineke staan ermee op en gaan ermee naar bed. Toen zij twee jaar geleden de kans kregen om uit te breiden pakten zij die met twee handen aan. En zo groeien zij gestaag door naar de grootste producent van deze snijbloem in Nederland.
Een paar jaar geleden kwam Jaap in contact met ‘gelijkspanningsgoeroe’ Harry Stokman van Direct Current, die bevlogen is van duurzaamheid en betrokken bij de ontwikkeling van de energievoorziening in het tuinbouwgebied onder de rook van Schiphol. Het zette hem op het spoor om zijn nieuwe locatie om te laten bouwen van wisselstroom (AC) naar gelijkstroom (DC).
De locatie, toen nog in handen van Stallingsbedrijf Glastuinbouw Nederland (SGN), had nog geen belichtingsinstallatie. Samen met partners Stolze Installatietechniek en Gavita werd in 2015 een SON-T installatie aangelegd van 90 µmol/m2/s, nog op wisselstroom. De bekabeling was dusdanig aangelegd dat overschakeling naar gelijkstroom op termijn mogelijk is. Op de oude tuin deed Vreeken daarna een eerste voorbereidende proef.

Langere levensduur
Op dit moment is het Nederlandse elektriciteitsnet gebaseerd op wisselstroom. Alle elektronische apparatuur van huishoudens en bedrijven draait echter op gelijkstroom. Ieder apparaat heeft dus een omvormer die AC omzet in DC. Bij het omzetten komt energie vrij en dat zorgt voor een hogere temperatuur van de elektronica. Zou het elektriciteitsnet uitsluitend gelijkstroom transporteren, dan is die omzetting niet nodig en levert dat een flinke besparing op in omzetting. Bovendien maakt dit de apparatuur meer betrouwbaar en verlaagt het de kosten van de installatie. Voor een dergelijke installatie heb je namelijk ook minder koper nodig in de bekabeling.
“In een traditioneel voorschakelapparaat (VSA) zit ook een AC naar DC omvormer”, legt Arjan Pauw van Gavita uit. “Bij de omzetting van wisselstroom naar gelijkstroom komt warmte vrij. In een gelijkstroom VSA kan die omvormer achterwege blijven, waardoor het voorschakelapparaat veel koeler blijft, minder stroom verbruikt en veel minder componenten en grondstoffen nodig zijn. Dat verhoogt de betrouwbaarheid en verlengt de levensduur van de elektronica aanzienlijk.”

Storingsvrij
Overschakelen van AC naar DC gaat niet vanzelf. Het heeft vele jaren geduurd om de belichtingsinstallaties op wisselspanning storingsvrij te laten werken. Belichtingsinstallaties op gelijkstroom moeten die ontwikkeling nog doormaken. Nu de eerste proef is geslaagd, wordt de belichtingsinstallatie van het nieuwe bedrijf stapsgewijs omgebouwd en getest.
Alle armaturen krijgen daarom een nieuwe printplaat die geschikt is om de ‘nieuwe’ stroom te ontvangen. Aangezien de netbeheerder nog wisselstroom aanlevert, wordt die stroom centraal omgezet in gelijkstroom. Daarvoor worden alle schakelkasten aangepast met intelligente elektronica, zodat ze de DC kunnen distribueren in plaats van AC.

Nieuwe generatie bedrijven
Vreeken is dus proefbedrijf voor een hele nieuwe generatie tuinbouwbedrijven op gelijkstroom, in eerste instantie alleen voor het belichten. De volgende logische stap naar de toekomst is om hele bedrijven over te schakelen naar DC. Daar komt veel bij kijken, want alle apparatuur van sorteermachines tot pompen, van luchtraammotoren tot koelcel moet geschikt worden gemaakt om de stroom te ontvangen.
Het inbouwen van deze techniek op een bestaand bedrijf is ingewikkeld. Op een nieuwbouwbedrijf zal dit veel eenvoudiger zijn, hoewel deze ontwikkeling nog de nodige tests moet doorstaan. Overigens is het mogelijk om over bestaande bekabeling een hoger vermogen DC te transporteren. Als een ondernemer de lichtintensiteit wil verhogen, dan zijn DC armaturen een interessante optie.

Zonnepanelen
Achter het bedrijf staat de aanleg van een zonnepanelenpark gepland. De opgewekte energie van zonnepanelen is al gelijkstroom evenals die van windmolens. De volgende stap is dus om de opgewekte stroom te bufferen in batterijen of naar de aangrenzende bedrijven te transporteren. Om die reden zijn overheden en netwerkbedrijf Liander zeer betrokken bij de vorderingen op het tuinbouwbedrijf.
“Zie het als kleine postzegels”, legt Pauw uit, “die zich ontwikkelen tot grote DC-vlekken. Hoe groter de vlek, des te meer zelfvoorzienend.” “En reken er op dat dit vlot kan gaan”, vult Carel van Ruijven van Stolze aan. “De ontwikkelingen zetten nu behoorlijk snel door. Was het voorheen nog lastig om gelijkstroom over lange afstanden te transporteren zonder verliezen, dit probleem is inmiddels opgelost. Het is niet ondenkbaar dat deze ontwikkeling binnen één generatie gemeengoed is.”

Lichtere bekabeling
Van Ruijven: “Ik ben behoorlijk positief, maar er moeten nog hobbels worden genomen. Gelijkstroom heeft als voordeel dat de bekabeling veel lichter mag zijn. Bovendien is het een net waar je overal kan aanhaken. Nu moet ieder onderdeel apart worden gezekerd. Dat kan straks eenvoudiger.” Voor toekomstige bedrijven gaat dit dus een besparing op investeringen opleveren.
Een uitdaging wordt het ombouwen van WKK’s. Tot op heden zijn deze gasmotoren nog niet geschikt, maar naar verwachting gaat die ontwikkeling er wel komen.
Vreeken ziet zelf vooral een voordeel in energieverbruik. “Ik heb voor mezelf uitgerekend dat het afschakelen van bepaalde vakken en dimmen me een besparing van 25 procent op belichtingskosten kan opleveren. Dat staat me wel aan. Als het straks klaar is kan ik ermee gaan ‘spelen’.” Hij is enthousiast over deze stap. “Duurzaam ondernemen ligt me wel. Ik vind het belangrijk om bij zulke ontwikkelingen betrokken te zijn”, legt hij uit. 

-->

maandag, mei 07, 2018

Radijs



Zülküf Yilmaz eerste radijsteler met hybride belichting
‘Met belichten kan ik mijn teelt beter plannen en sturen’

De speciale strook zandgrond langs de Westlandse kust, die zich uitstrekt van Hoek van Holland tot voorbij Monster, is het territorium van Zülküf Yilmaz, beter bekend als ‘Zoef’. Een half jaar geleden heeft hij als eerste radijsteler in Nederland een hybride belichtingsinstallatie laten installeren. De eerste resultaten van het belichten bevallen hem goed.

Op deze heldere voorjaarsdag is het niet echt nodig om de belichtingsinstallatie te gebruiken, maar Zülküf Yilmaz is zo vriendelijk om deze toch aan te zetten. Via een signaal van zijn mobiele telefoon schakelen de strengen LED’s kap voor kap aan. Radijs onder belichting, het is een volledig nieuwe ontwikkeling binnen deze teelt. Dat geldt ook voor de vele andere ideeën die de ondernemer wil gaan toepassen. Binnen een tijdsbestek van twintig jaar groeide Yilmaz volledig op eigen kracht uit tot de grootste radijsteler van Nederland, waarbij hij goede contacten onderhoudt met zijn collega’s.

Jeugdige overmoed
De tijd is voorbijgevlogen, sinds Zoef als vijftienjarige jongen in 1996 zijn broers in Nederland bezocht. Hij keek zijn ogen uit in deze nieuwe omgeving. Als zoon van een akkerbouwer in Oost-Turkije was hij gewend om aan te pakken. “Bij ons thuis rijden de jongens op tienjarige leeftijd al op een tractor”, vertelt hij met een glimlach van oor tot oor. Maar na drie maanden vakantie was hij met geen stok meer terug te krijgen naar zijn vaderland. Hij zag volop kansen in Nederland. Dus ging hij naar school om Nederlands te leren en aan alle inburgeringsverplichtingen te voldoen.
Zijn broers teelden al radijs in het Westland. Hij kon dus meteen aan de slag om het vak te leren. Met jeugdige overmoed liet hij zijn broers al snel duidelijk merken dat het allemaal anders en beter kon. Vijf jaar later huurde hij zijn eerste 5.000 m2 grote kas in Monster, op de plaats van het huidige Koppert Cress. Met vallen en opstaan leerde hij dat radijs telen niet zo gemakkelijk is als hij dacht. “In het begin ging het nog niet zo goed, maar binnen een paar jaar had ik de teelttechniek wel onder de knie en verbeterde de kwaliteit zienderogen”, legt hij uit. In 2003 had hij al 3 ha onder zijn beheer. De afzet van zijn product verliep via The Greenery.

Op maat leveren
Jong en doortastend als hij was, ontwikkelde hij een uitgesproken mening over afzet van zijn producten. “Ik ben drie personen tegelijk”, legt hij uit. “Radijsteler, verkoper en consument. Zo moet je ook tegen het product aankijken. Niet alleen vanuit teelttechnisch perspectief, maar ook wat de handel er mee kan en wat er leeft bij consumenten. Die drie elementen moet je bij elkaar brengen.”
Vanuit die gedachte wilde hij vrij zijn en zijn eigen afzet regelen. In 2004 zocht telersvereniging Van Nature nieuwe leden. Yilmaz sloot zich niet aan bij de vereniging, maar besloot wel om zijn product aan deze vereniging te leveren. “Ik vind het niet logisch om maar via één kanaal te verkopen en wil niet aan slechts één partij verbonden zijn”, licht hij toe.
In de daarop volgende periode startte hij met het op maat leveren en verpakken van radijs, zowel in bos als los. In 2007 zette hij zijn eigen pakstation op, dat wegens groei moest verhuizen naar ABC Westland. De productie groeide uit via 19 tot 22 ha, op eigen bedrijven en huurlocaties.
Ondernemers in het kustgebied leerden hem inmiddels goed kennen. Yilmaz was en is altijd op zoek naar een kas met goede radijsgrond, die hij weer voor een paar maanden vol zet. Van de crisis in de tuinbouw had hij nauwelijks last. “Vlak voordat deze uitbrak had ik net een kas aangekocht en bouwden we een pakstation. Toch zijn we gestaag doorgegroeid. Hoe dat kan? Door constant goede kwaliteit te leveren en door goede contracten af te sluiten.”

Strategische locatie
Steeds speurend naar nieuwe locaties kwam in 2015 het voormalige bedrijf BiJo in ‘s-Gravenzande op zijn pad. Het jongste gedeelte van dit 10 ha grote bedrijf was ingericht voor de gesloten teelt en uitgerust met luchtbehandelingskasten met luchtslurven. Bovendien heeft het een installatie om warmte en koude in de grond op te slaan.
Het blijkt een strategische zet van de radijsteler om het bedrijf over te nemen. Het ligt precies tussen twee aardwarmtelocaties, waarvan het in de toekomst mogelijk gebruik kan maken. Of dat ook gaat gebeuren staat nog niet vast. Yilmaz wil meerdere systemen doorrekenen die economisch aantrekkelijk zijn en waardoor hij straks los kan komen van fossiele energiebronnen.
De LBK’s en de slurven zijn verwijderd en de kas heeft heteluchtkachels, ventilatoren en buisverwarming gekregen. “Maar alle apparatuur ligt opgeslagen en de warmtepompen zijn nog aanwezig, mocht het gebruik daarvan in de toekomst aantrekkelijk zijn”, legt hij uit.

Teeltduur verkorten
Op dit moment heeft hij andere prioriteiten. Licht is een belangrijke factor, die bij radijs de groeisnelheid, kwaliteit en smaak bepaalt. Daarom startte hij een jaar geleden met een belichtingsproef van 2.500 m2, met uitsluitend SON-T lampen. Deze proef deed hij op eigen initiatief, zonder hulp van adviseurs of onderzoekers. Daar heeft hij een goede reden voor. “Aan wie moet ik het vragen? Er is nog geen kennis opgebouwd over belichting in radijs, omdat niemand zich daarin heeft gespecialiseerd.”
Op basis van zijn eerste proef besloot hij een hybride belichtingsinstallatie aan te leggen, omdat de stralingswarmte van alleen SON-T lampen soms ongunstig is voor de koele radijsteelt. Zijn partners daarbij zijn Stolze en Philips Lighting. Hij koos voor een combinatie van Agrolux assimilatie armaturen (SON-T) en Philips Greenpower LED Toplighting modules. Het gezamenlijk vermogen van de installatie is 110 µmol/m2/s.
De radijsteler wil met deze installatie de teeltduur in de winter verkorten van 11 tot 12 weken naar 6 tot 7 weken. Dat is een forse stap. Aangezien de installatie afgelopen najaar is aangelegd, vindt hij het nog moeilijk om iets te zeggen over de eerste resultaten, maar de ondernemer is erg optimistisch gestemd. “Ik wil met het belichten de kwaliteit, smaak en houdbaarheid van de radijs jaarrond op hetzelfde niveau krijgen. Naast goede grond is de hoeveelheid licht sterk bepalend voor smaak en kwaliteit. Die hoop ik op deze manier nog verder te verbeteren.”

Productie sturen
Ondanks zijn jarenlange teeltervaring komt Yilmaz door het belichten voor nieuwe uitdagingen te staan. Zo houdt hij een ander zaaischema aan en moet hij watergift en CO2-dosering aanpassen. Dat de effecten van het belichten groot zijn heeft hij inmiddels ondervonden. Op momenten dat hij warmte kan gebruiken zet hij de SON-T lampen in. Maar in het koude minnende gewas gebruikt hij in het voor- en najaar liever de LED’s.
De installatie biedt hem bovendien mogelijkheden om de productie te sturen. Door extra te belichten schuift hij de oogst naar voren en op andere momenten kan hij die uitstellen door juist niet te belichten. “Maar dat spel moet ik nog in mijn vingers krijgen. Iedere winter heeft andere klimaatomstandigheden. Ik heb nog wel een paar jaar nodig om dat onder controle te krijgen.” Als het belichten een succes blijkt, dan overweegt hij om de installatie uit te breiden naar 10 ha en misschien uiteindelijk naar 20 ha.
Het gaat de Turkse ondernemer voor de wind. Het ondernemerschap is hem gegund. Dit werd vorig jaar nog eens duidelijk onderstreept toen hij de publiekprijs won tijdens de verkiezing van ‘Agrarisch ondernemer van het jaar 2017’. Toekomstplannen heeft hij genoeg. Binnen afzienbare tijd gaat hij een nieuwe verpakkingsruimte bouwen in ’s-Gravenzande, want op zijn nieuwe bedrijf is nog ruimte genoeg. Het is dan niet langer nodig om de geoogste radijs naar Poeldijk te transporteren. Verder wil hij zijn energieverbruik nog efficiënter inrichten, afhankelijk van de mogelijkheden die hij krijgt en de wensen van zijn klanten. 


 

zaterdag, januari 13, 2018

Tuinbouw Ondernemersprijs 2018


De Lepelaar, Sint Maarten

Duurzaamheid loopt als een rode draad door ons bedrijf

Op het vlakke land van Noord-Holland, tussen gras, kool en bloembollen, ligt biologisch dynamische bedrijf De Lepelaar. Het bijzondere bedrijf heeft zich in ruim 45 jaar ontwikkeld van een klein initiatief tot vollegrondskwekerij en glastuinbouwbedrijf van meer dan 70 ha. Oprichter Jan Schrijver en zijn vrouw Inge willen op weg naar duurzaamheid een relatie aangaan met de natuur. Hun opvolgers vervolgen die missie en combineren principiële waarden met moderne methoden.  

Wie kon in 1971 bedenken dat de biologische land- en tuinbouw nog eens zo’n belangrijke rol zou spelen binnen de samenleving? Jan Schrijver waarschijnlijk niet. Hij startte zijn bedrijf vanuit de fundamentele visie dat het ecosysteem onder druk kwam te staan, waardoor een verstoring van de planten- en dierenwereld optrad. De duurzaamheidsfilosoof was destijds nog een roepende in de woestijn, tegenwoordig vallen de keiharde feiten niet meer te ontkennen.
“Er waren tijden dat mensen van heinde en verre met het openbaar vervoer naar De Lepelaar kwamen om hun voorraden biologische groenten in te slaan”, vertellen zijn zoon Reinout Schrijver en zijn medevennoot Joris Kollewijn. Deze twee zijn inmiddels mede-eigenaar geworden van het grootste deel van het onroerend goed.

donderdag, januari 11, 2018

Tuinbouw Ondernemersprijs 2018


Royal Lemkes, Bleiswijk

Geen maximale winst, maar maximale impact

Royal Lemkes vormt een belangrijke schakel tussen sierteeltbedrijven en de grootschalige retail in Europa. Wie denkt dat het bedrijf puur gericht is op het behalen van maximale winst heeft het mis. De leiding wil met name impact maken naar hun medewerkers, hun klanten en binnen de samenleving. De missie is ‘duurzame groei’ van medewerkers, relaties en de wereld waarin Royal Lemkes opereert.

Zet een toegewijd ondernemer, een door de wol geverfde manager en een logistiek specialist bij elkaar en er ontstaat iets bijzonders. Grotere verschillen in persoonlijkheid en achtergrond kun je niet bedenken tussen het drietal dat leiding geeft aan Royal Lemkes. Het is dat ze werden geattendeerd op deelname aan de Tuinbouw Ondernemersprijs, want in hun aard zijn deze mensen bescheiden. “Maar wacht even, misschien is de tijd er wel rijp voor”, dachten ze.
In een paar jaar tijd heeft een professionaliseringsslag plaatsgevonden binnen het bedrijf dat planten en diensten aanbiedt aan de grootschalige retail in Europa. Er waait een fris briesje uit een nieuwe windrichting. “We zijn er nu klaar voor”, vinden Cees van der Meij, Michiel den Haan en Michiel van Veen, die trots zijn op hun Lemkes-familie. “We mogen het vieren dat we zover zijn gekomen, vooral voor onze mensen die het bedrijf dragen. Bovendien willen we graag anderen inspireren om ook bezield te ondernemen.”

dinsdag, januari 09, 2018

Ondernemerschap



Tien jaar Thanet Earth en de naderende Brexit
‘Niet bang zijn om onverwachte strategische zetten te doen’

Glastuinbouwbedrijven met expansiedrift zullen in de toekomst vaker kiezen voor een buitenlandse locatie in de buurt van hun directe afzetmarkt. Thanet Earth in het Verenigd Koninkrijk is een antwoord op de vraag naar ‘British produced’. Tien jaar na dato is het bedrijf succesvol gegroeid dankzij de intensieve samenwerking tussen Nederlandse telers en een Engelse handelspartij. ‘Zo’n alliantie werkt’, vertellen de initiatiefnemers.

Engeland is altijd een belangrijk afzetland geweest voor Nederlandse glasgroenten. Het begon in de crisisjaren van de vorige eeuw met export van tomaten vanuit het Westland en het groeide uit tot intensieve contacten tussen teeltbedrijven, handel en Engelse retailers.

Over de grens telen
Telen aan de overkant van het kanaal, op een plaats dichtbij de afzetmarkt, was de volgende zet op het schaakbord. Nederlandse telers namen de gezamenlijk de stap om het glastuinbouwbedrijf Thanet Earth te bouwen. Zij speelden daarmee in op de ‘local for local’ trend, omdat Engelse consumenten graag Brits product kopen. De eerste locaties waren nauwelijks in productie toen de bankencrisis uitbrak, maar het bedrijf wist zich goed te ontplooien. Inmiddels tien jaar later is het zesde bedrijf in aanbouw en is het in areaal verdubbeld. Het gaat eigenlijk heel goed met het modernste glastuinbouwbedrijf van Groot Brittannië.

maandag, januari 08, 2018

Ondernemerschap

Het hele directieteam van AgroCare. Van links naar rechts: Nic van Roosmalen, Marco Zuidgeest, 
Kees van Veen, Ad van Kester, Philip van Antwerpen, Bas Eilander en Paul Grootscholten


Eén jaar na de fusie tussen Agro Care en Kesgro

‘Groei is nodig om je mensen kansen en uitdagingen te bieden’

De fusie tussen Agro Care en Kesgro was geen hele grote verassing. De bedrijven werkten al op veel punten samen. Juist die samenwerking vormt nu de basis voor een evenwichtige cultuur binnen het nieuwe bedrijf. Een jaar later zijn de jeugdvrienden Philip van Antwerpen en Kees van Veen zichtbaar tevreden. “Als je allemaal graag wilt, verloopt zo’n samensmelting vlot.”

“We hebben allebei het vak geleerd bij Jos Looije van Looye Kwekers.” Philip van Antwerpen en Kees van Veen kijken elkaar lachend aan. Ze waren jong, net van school, met veel, heel veel ambitie en respect voor hun leermeester. Meer dan twintig jaar later kijken ze vanuit hun kantoor over de kasdekken van het Westland. Beneden in de hal van Greenpack gaat het sorteren en verwerken van hun tomaten en de producten van nog drie grote vruchtgroentebedrijven continu door.
Heel erg veranderd lijken ze niet. Toch lijkt Philip, die net terug is uit Tunesië, nu pas te beseffen wat er in die vijfentwintig jaar is gebeurd. Toen keek hij met groot respect op tegen toonaangevende tomatentelers. Nu is Agro Care onderdeel van die groep.

vrijdag, januari 05, 2018

Interview

Agnes van Ardenne één jaar voorzitter van Naktuinbouw




‘Zoeken naar consensus, dat is
 mijn manier van werken’





Een jaar na het aantreden van voorzitter Agnes van Ardenne waait er een fleurige frisse wind door het pand van Naktuinbouw als haar snelle hakjes door de gangen tikken. Met een flinke zwaai aan de deurknop valt ze met de deur in huis. Deze omgeving past haar als een jas. “Het is gewoon als thuiskomen”, zegt ze met een glimlach.


“Dat ik voor deze functie ben gevraagd is bijzonder.” Aan het woord is Agnes van Ardenne, die in januari 2017 Henk Lange opvolgde als voorzitter van Naktuinbouw. Bevlogen vertelt zij over de nationale en internationale ontwikkelingen van de tuinbouw en de rol die de keuringsdienst daarin kan vervullen.
Geboren als Westlandse tuindersdochter werkte zij zich met een gezonde dosis goed verstand op tot staatssecretaris en minister voor Ontwikkelingssamenwerking. Na haar politieke carrière was zij Permanent Vertegenwoordiger van Nederland bij de Wereldvoedselorganisatie FAO in Rome. Bijna vier jaar leidde zij het Productschap Tuinbouw, onder andere door de woelige periode van de EHEC crisis, naar de afbouw van het schap. Sinds kort heeft ze ook de taak van waarnemend burgemeester van de gemeente Westland op zich genomen. Het ontbreekt haar niet aan energie en een flinke dosis doorzettingsvermogen.